Nieuws en opiniestukken
Laatste
Hebben we Europa uitgegeleverd aan China? Chat Control 2.0: België opnieuw de brave leerling van Europa Chat Control 2.0: België op het punt van een privacycrisis Crevits en Diependaele ziek tijdens begrotingsbesprekingen
België moet kiezen: begroten of relanceren? Economie
Foto: W. Vander Cruyssen

België moet kiezen: begroten of relanceren?

Een begrotingsplan dat alleen uit nieuwe belastingen bestaat, verstikt onze economie. België heeft een plan nodig dat zowel bespaart als investeert, met een vennootschapsbelasting van maximaal 15% en een scherpe aanpak van nutteloze subsidies.

Deel dit artikel: Facebook X E-mail

België kampt niet alleen met een begrotingsprobleem, maar ook met een stilvallende economie, een tanend investeringsklimaat en een overheid die meer geld uitgeeft zonder betere dienstverlening. Een begrotingsplan dat uitsluitend uit nieuwe belastingen bestaat, zal de economie verder verstikken. Wat ons land nodig heeft, is een begrotingsplan dat tegelijk een relanceplan is.

Structurele besparingen van ruim 17 miljard euro

Een eerste besparing van 1,2 miljard euro kan worden gerealiseerd bij de vakbonden en ziekenfondsen. De uitbetaling van werkloosheidsuitkeringen kan naar de RVA worden overgebracht, wat naar schatting 214 miljoen euro oplevert. Vakbondsinkomsten moeten normaal belastbaar worden en de sterk gestegen administratiekosten van de ziekenfondsen moeten grondig worden doorgelicht.

In de gezondheidszorg kan tegen 2029 ongeveer 4,5 miljard euro worden gevonden door de automatische groeinorm bovenop de inflatie af te schaffen. Het zorgbudget blijft dan nog altijd meestijgen met de prijzen, maar niet langer automatisch sneller dan de rest van de economie. Overbodige onderzoeken, dubbele administratie, onnodige operaties en een wildgroei aan dure apparatuur moeten worden aangepakt. Digitalisering en artificiële intelligentie kunnen artsen en verpleegkundigen bovendien van een groot gedeelte van hun papierwerk verlossen.

De gewesten moeten vervolgens meer budgettaire verantwoordelijkheid dragen. Een bijdrage van de deelstaten in 25% van de rentelasten op de staatsschuld vertegenwoordigt ongeveer 4,4 miljard euro. Dat is op zichzelf een verschuiving binnen België. Wanneer de gewesten deze bijdrage opvangen door hun eigen uitgaven te verminderen, wordt het een werkelijke besparing. In Vlaanderen geeft momenteel miljarden uit aan nutteloze projectsubsidies. Federale bevoegdheden weggeven aan deelstaten zonder verantwoordelijkheid voor de gezamenlijke schuldenberg is geen houdbaar federalisme.

Daarnaast kan ongeveer 3,5 miljard euro worden bespaard door reeds afgesproken hervormingen op het gebied van pensioenen, migratie en subsidies daadwerkelijk uit te voeren. In België worden tijdens regeringsonderhandelingen regelmatig besparingen aangekondigd die nooit volledig uitgevoerd.

Ook het remgeld kan worden aangepast. Door het remgeld op te trekken tot 10 euro voor een gewone consultatie en 5 euro voor mensen met een verhoogde tegemoetkoming kan overconsumptie worden afgeremd. De geraamde budgettaire opbrengst bedraagt 2,6 miljard euro.

Binnen de federale overheid gaan tegen 2029 ongeveer 24.000 ambtenaren met pensioen. Wanneer slechts één op drie wordt vervangen, met uitzondering van politie, justitie en Defensie, kan ongeveer 760 miljoen euro worden bespaard. Digitalisering moet daarbij worden gebruikt om personeel en papierwerk uit te sparen.

Ten slotte kan de vastgoedportefeuille van Justitie en de federale politie worden gerationaliseerd. België telt ongeveer 225 gerechtsgebouwen voor bijna 12 miljoen inwoners, terwijl Nederland met aanzienlijk meer inwoners veel minder gerechtsgebouwen nodig heeft. Een efficiënter gebouwenbeheer kan ongeveer 300 miljoen euro opleveren.

De besparingen op een rij

Hieronder een overzicht van de structurele besparingen:

  • 1,2 miljard euro bij vakbonden en ziekenfondsen;
  • 4,5 miljard euro in de gezondheidszorg;
  • 4,4 miljard euro door responsabilisering van de deelstaten;
  • 3,5 miljard euro door uitvoering van reeds afgesproken hervormingen;
  • 2,6 miljard euro door aanpassing van het remgeld;
  • 760 miljoen euro door minder ambtenaren te vervangen;
  • 300 miljoen euro door het gebouwenbeheer te rationaliseren.

De totale structurele ruimte bedraagt daarmee ongeveer 17,26 miljard euro. Dat is geen symbolische begrotingscorrectie, maar een structurele hervorming.

Vennootschapsbelasting naar maximaal 15%

Een begrotingsplan mag echter niet uitsluitend besparen. België moet opnieuw aantrekkelijk worden voor binnenlandse en buitenlandse investeerders. Daarom moet het gewone tarief van de vennootschapsbelasting dalen van 25% naar een maximaal tarief van 15%.

De Belgische vennootschapsbelasting brengt momenteel ongeveer 24 à 25 miljard euro per jaar op. Een zuiver rekenkundige verlaging van 25% naar 15% vermindert het tarief met 40%. Zonder enig gedragseffect zou de brutokost daardoor ongeveer 8 à 10 miljard euro per jaar bedragen.

Een lager tarief maakt België aantrekkelijker voor investeringen, vermindert de stimulans om winsten naar het buitenland te verschuiven en geeft ondernemingen meer middelen om te investeren, mensen aan te werven en reserves op te bouwen. De dynamische terugverdieneffecten mogen niet worden genegeerd. Nieuwe investeringen genereren vennootschapsbelasting, personenbelasting, sociale bijdragen en btw. Een belastingverlaging zal onze economie noodzakelijke zuurstof geven en zal wellicht een paar miljard terugverdieneffect genereren.

Stop de nutteloze subsidie-economie

België besteedt jaarlijks ongeveer 25 miljard euro aan subsidies en steun die boekhoudkundig aan ondernemingen worden toegerekend. Een belangrijk deel daarvan bestaat uit loonsubsidies, dienstencheques, steun aan overheidsbedrijven, onderzoek en sociale dienstverlening. Dat bedrag kan dus niet integraal worden geschrapt.

Maar binnen dat enorme subsidieapparaat bevinden zich talloze maatregelen waarvan nooit overtuigend werd bewezen dat zij bijkomende investeringen of banen creëren. Sommige subsidies financieren activiteiten die ondernemingen ook zonder steun zouden uitvoeren. Andere regelingen overlappen elkaar of houden vooral consultants, subsidieadviseurs en administraties aan het werk.

Alle subsidies moeten daarom een meetbare doelstelling, een einddatum en een onafhankelijke evaluatie krijgen. Wie niet kan aantonen dat een subsidie meer maatschappelijke of economische waarde creëert dan ze kost, verliest de steun. Het afschaffen van nutteloze bedrijfssubsidies kan naar schatting 3 miljard euro per jaar opleveren.

Bij een vennootschapstarief van 15% hebben winstgevende ondernemingen bovendien veel minder behoefte aan selectieve gunstmaatregelen. Het resultaat is een veel eerlijker systeem: geen hoog belastingtarief voor iedereen, gevolgd door uitzonderingen voor ondernemingen met de beste politieke contacten, maar een laag en duidelijk tarief voor alle ondernemingen.

Een beperkte btw-verschuiving

Een bijkomend gedeelte kan worden gefinancierd met een verhoging van het gewone btw-tarief van 21% naar 21,5%, terwijl de verlaagde tarieven van 6% en 12% voor levensnoodzakelijke producten en diensten behouden blijven. Wanneer rekening wordt gehouden met de verlaagde tarieven en vrijstellingen, kan een verhoging van het gewone tarief met een half procentpunt naar schatting 700 miljoen euro per jaar opbrengen. Voeding, geneesmiddelen, water, noodzakelijke gezondheidszorg en andere levensnoodzakelijke producten blijven daarbij buiten schot.

Het volledige resultaat

De structurele hervormingen en besparingen leveren ongeveer 17,26 miljard euro op. De afschaffing van nutteloze subsidies levert naar schatting 3 miljard euro op. De btw-verhoging van 21% naar 21,5% brengt ongeveer 700 miljoen euro op. De verlaging van de vennootschapsbelasting naar maximaal 15% kost naar schatting 9 miljard euro.

De netto structurele verbetering van de begroting bedraagt daarmee ongeveer 11,96 miljard euro per jaar. Afgerond spreken we over ongeveer 12 miljard euro. Daarbij worden de positieve economische terugverdieneffecten van de lagere vennootschapsbelasting nog niet meegerekend.

Tegelijk krijgt België met een vennootschapsbelasting van maximaal 15% een van de aantrekkelijkste tarieven van West-Europa. Dat kan ondernemingen opnieuw overtuigen om hier te investeren, hoofdzetels te vestigen en werkgelegenheid te creëren.

Besparen om opnieuw te kunnen groeien

Een geloofwaardig begrotingsplan hoeft geen opeenstapeling van nieuwe belastingen te zijn. Het kan ook een keuze zijn voor een kleinere en efficiëntere overheid, gecombineerd met een economie die opnieuw ruimte krijgt om te groeien. België zal zijn schulden niet onder controle krijgen door de economie ieder jaar wat zwaarder te belasten. Zo glijden we af naar volledige armoede.

Het land heeft een grotere economische basis nodig, meer investeringen en meer mensen die productief aan het werk zijn. Daarom moeten begrotingsbeleid en economisch beleid opnieuw één geheel vormen.

Bronnen

  • Begrotingsvoorstellen Anders en Durf e.a., Begrotingsvoorstellen en bijbehorende ramingen, gepubliceerd op 10 juni 2026.
  • FOD Financiën, Budget en ontvangsten, officiële cijfers over fiscale ontvangsten, vennootschapsbelasting en btw.
  • Nationale Bank van België, Zijn de subsidies voor ondernemingen hoog in België?, 27 oktober 2025.
  • Europese Commissie, Economic Forecast for Belgium, economische groei en Belgische overheidsfinanciën.
  • Europese Commissie, VAT Gap, Belgische btw-ontvangsten, verlaagde tarieven en btw-kloof.

Reacties 0

Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.

Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.