Economie
Wall Street danst, de economie kraakt: dreigt er een nieuwe beurscrash?
Amerikaanse aandelenmarkten breken records, maar de onderliggende economie verzwakt. Michael Burry waarschuwt opnieuw voor een zware correctie door AI-hype en hoge waarderingen. Europa is kwetsbaar bij een Amerikaanse crash.
De financiële markten lijken vandaag in een parallel universum te leven. Terwijl de Amerikaanse aandelenbeurzen record na record breken, stapelen de signalen zich op dat de onderliggende economie minder sterk is dan de beurskoersen doen vermoeden.
Zelfs Michael Burry, de belegger die wereldberoemd werd omdat hij de kredietcrisis van 2008 correct voorspelde, waarschuwt opnieuw voor een zware correctie of beurscrash. Zijn bezorgdheid draait vooral rond de extreem hoge waarderingen van AI-aandelen en de toenemende speculatie op Wall Street.
Een economie die kraakt onder de druk
De tegenstelling is opvallend. Onder president Donald Trump blijven de aandelenmarkten stijgen, maar de reële economie vertoont steeds meer barsten. Het meest recente Amerikaanse arbeidsmarktrapport kwam als een schok: in juli gingen netto ongeveer 23.000 banen verloren, terwijl economen op een duidelijke jobgroei hadden gerekend. Bovendien toonden de cijfers van de voorgaande maanden een verlies van meer dan 100.000 banen.
Ook de consument staat onder druk. De inflatie is weliswaar lager dan op haar piek, maar blijft de koopkracht aantasten. De spaarquote van de Amerikaanse gezinnen is teruggevallen tot een van de laagste niveaus in jaren.
Tegelijk blijven de overheidstekorten uitzonderlijk hoog en stijgt de federale schuld verder. Dat maakt de Verenigde Staten kwetsbaar wanneer de economische groei verder vertraagt.
Wall Street leeft in een bubbel
Toch lijkt Wall Street zich daar weinig van aan te trekken. De S&P 500 en Nasdaq blijven nieuwe records neerzetten. Een belangrijk deel van die stijging wordt gedragen door een kleine groep technologiebedrijven die massaal investeren in artificiële intelligentie.
Analisten wijzen erop dat de waarderingen historisch hoog zijn. De Shiller CAPE-ratio bevindt zich opnieuw op niveaus die eerder alleen werden gezien rond de internetzeepbel van 2000. Dat betekent uiteraard niet dat morgen een crash volgt, maar het verhoogt wel het risico.
Dat is precies waar Michael Burry voor waarschuwt. Volgens hem dreigt de AI-hype dezelfde kenmerken te vertonen als eerdere speculatieve bubbels: extreem optimisme, een enorme concentratie van beurswaarde in enkele bedrijven en beleggers die steeds hogere prijzen betalen in de verwachting dat de groei eeuwig zal doorgaan. Geschiedenis leert dat zulke verwachtingen zelden uitkomen.
Extra risico’s: handel en geopolitiek
Daar komt nog een tweede risico bij. De Amerikaanse economie is niet langer uitsluitend afhankelijk van haar binnenlandse vraag. Handelsconflicten, invoertarieven en geopolitieke spanningen zorgen voor extra onzekerheid. Dat kan investeringen afremmen en de inflatie opnieuw aanwakkeren. Een combinatie van tragere groei en hoge waarderingen is historisch nooit een comfortabele uitgangspositie geweest.
Europa in de vuurlinie
Europa mag zich vooral niet rijk rekenen. Wanneer Wall Street zwaar corrigeert, blijft dat niet beperkt tot New York. Europese banken, pensioenfondsen en verzekeraars hebben honderden miljarden euro’s belegd in Amerikaanse aandelen. Een forse beursdaling zou ook Europese spaarders, pensioenfondsen en ondernemingen treffen. Bovendien zijn veel Europese bedrijven rechtstreeks afhankelijk van de Amerikaanse consument en van de Amerikaanse technologiesector.
De herfst: een gevaarlijke periode
Niemand weet wanneer een beurscorrectie zal plaatsvinden. Misschien stijgen de markten nog maanden verder. Een opvallend aantal van de bekendste beurscrashes vond plaats in de herfst, vooral in september en oktober:
- Paniek van 1907 – oktober 1907;
- Beurscrash van 1929 – “Black Thursday” (24 oktober), “Black Monday” (28 oktober) en “Black Tuesday” (29 oktober);
- Black Monday 1987 – 19 oktober; de Dow Jones verloor die dag 22,6%, nog steeds de grootste eendaagse daling ooit;
- Financiële crisis 2008 – de zwaarste beursdalingen volgden na het faillissement van Lehman Brothers in september en oktober;
- Europese schuldencrisis 2011 – grote koersschommelingen in augustus tot oktober.
Er bestaat zelfs een bekende beurswijsheid: “September is de slechtste beursmaand.” Historisch gezien levert september gemiddeld de zwakste rendementen op voor de Amerikaanse aandelenmarkt, terwijl oktober bekendstaat om enkele van de spectaculairste crashes.
De les van de geschiedenis
Het blijft dus opmerkelijk dat de beurs steeds hogere toppen bereikt terwijl de economische fundamenten afzwakken. Financiële markten kunnen zich lange tijd losmaken van de werkelijkheid, maar uiteindelijk halen economische cijfers de verwachtingen altijd in.
De geschiedenis leert één eenvoudige les: hoe groter de kloof tussen beurskoersen en economische realiteit, hoe pijnlijker de correctie meestal wordt. Daarom is de waarschuwing van Michael Burry een herinnering dat eeuwig optimisme op de beurs nog nooit duurzaam is geweest.
Bronnen
- Recente Amerikaanse arbeidsmarktcijfers (U.S. Bureau of Labor Statistics, samengevat door Wall Street Journal en The Guardian);
- Analyses van Business Insider, Barron’s en marktrapporten over AI-investeringen en beurswaarderingen.
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.