Binnenland
Wallonië: een kwarteeuw bestuurlijk falen en structurele afhankelijkheid
Van de brand in de Hoge Venen tot de leegstaande sociale woningen en de watersnoodramp van 2021: Wallonië blijft worstelen met slecht bestuur, financiële verspilling en een hangmatcultuur. Tijd voor een bestuurlijke revolutie, niet voor nog meer subsidies.
Wat is er toch aan de hand in Wallonië? De brand in de Hoge Venen van 14 augustus 2026 vormt het jongste symbool van het structurele slechte bestuur in de regio. In een uitzonderlijk droge periode brak een vuurzee uit die uiteindelijk 3.366 hectare natuurgebied aantastte. Honderden hulpverleners, landbouwers en buitenlandse blusploegen vochten dagenlang om de grootste natuurbrand uit de Belgische geschiedenis onder controle te krijgen.
Aanvankelijk werd vooral naar de droogte en klimaatverandering verwezen. Intussen onderzoekt het parket van Luik een andere oorzaak: kort voor het ontstaan van de brand werden in het gebied maaiwerken uitgevoerd, besteld door het Waalse Département de la Nature et des Forêts. Metalen onderdelen van maaimachines kunnen vonken veroorzaken bij contact met stenen. Of dit de brand echt veroorzaakte, moet het gerechtelijke onderzoek nog uitwijzen. Maar zelfs Waals minister-president Adrien Dolimont gaf toe dat maaien tijdens extreme hitte geen verstandige beslissing was.
Inefficiënt gebruik van overheidsmiddelen
Het gevoel van bestuurlijke ontreddering ontstond eerder dit jaar bij La Sambrienne, de grootste sociale huisvestingsmaatschappij van Wallonië. Terwijl duizenden gezinnen in Charleroi wachten op een degelijke woning, bleven ongeveer 1.200 sociale woningen leegstaan. Van de 86 miljoen euro die voor renovaties beschikbaar was, werd slechts 40 miljoen effectief benut. Door administratieve vertragingen dreigde 46 miljoen euro aan subsidies verloren te gaan, waardoor bijna duizend woningen niet tijdig konden worden gerenoveerd.
Wallonië heeft niet alleen een tekort aan geld. Het slaagt er zelfs niet in het gekregen geld behoorlijk te gebruiken. Ook bij de watersnoodramp van juli 2021 zagen we hetzelfde patroon. Toen kwamen in België 39 mensen om het leven. De echte fouten lagen bij de gebrekkige waarschuwing van inwoners, de versnipperde crisisbeheersing, trage communicatie en onvoldoende voorbereiding op een voorzienbaar extreem scenario. Achteraf bleek het moeilijk om een onafhankelijke analyse te verkrijgen. De institutionele Waalse chaos maakte de gevolgen veel zwaarder.
Een kwarteeuw van bestuurlijk falen
Wie de periode sinds 2000 overloopt, ziet een terugkerend patroon. In 2005 barstte in Charleroi het schandaal rond de sociale huisvestingsmaatschappij La Carolorégienne los. Onderzoeken brachten fraude, schriftvervalsing, misbruik van overheidsgeld en ernstige bestuursproblemen aan het licht. Het dossier breidde zich uit naar andere stedelijke instellingen en intercommunales. Verschillende PS-bestuurders werden vervolgd en Jean-Claude Van Cauwenberghe nam ontslag als Waals minister-president. Elio Di Rupo sprak toen over het uitmesten van de “Augiasstal”.
Marshallplannen met excessieve uitgaven
Vanaf 2005 volgden verschillende Marshallplannen die de Waalse economie moesten herlanceren. Tegen 2015 was daarin al minstens 4,65 miljard euro gestoken. Er ontstonden enkele waardevolle innovatieclusters, maar de grote economische kloof met Vlaanderen werd niet gedicht.
In 2007 werd het Solwatt-systeem voor zonnepanelen gelanceerd. De gegarandeerde groenestroomcertificaten lokten een stormloop uit die veel groter was dan verwacht. De Waalse energieregulator waarschuwde, maar de politiek reageerde te laat. De kostprijs voor de elektriciteitsverbruikers werd uiteindelijk op ongeveer 2,8 miljard euro over vijftien jaar geraamd. Het overschot aan certificaten alleen vertegenwoordigde ongeveer 1,36 miljard euro.
Publifinschandaal en prestigeprojecten
In 2016 en 2017 volgde het Publifinschandaal. Lokale mandatarissen van verschillende partijen ontvingen duizenden euro’s voor adviesraden waarop sommigen nooit aanwezig waren. De instellingen waren formeel openbaar, maar werden bestuurd alsof zij het persoonlijke domein waren van een beperkte politieke en zakelijke kring.
Ook prestigieuze infrastructuurprojecten illustreren de verkeerde prioriteiten. Het station van Bergen begon in 2001 als een renovatieproject van ongeveer 37 miljoen euro. Het eindigde, negen jaar later dan gepland, met een factuur van ongeveer 480 miljoen euro. Het station werd weliswaar door de federale spoorwegen gefinancierd, maar werd een monument van een politieke cultuur waarin prestige soms belangrijker leek dan kostenbeheersing. De tram van Luik liep eveneens jaren vertraging op. De ingebruikname was oorspronkelijk voor 2022 gepland, maar vond pas in april 2025 plaats. De vertragingen, heronderhandelingen en oplopende kosten bevestigen opnieuw hoe moeizaam grote publieke projecten worden beheerd.
De lage werkzaamheidsgraad is de kern van het probleem
In het eerste kwartaal van 2026 werkte in Wallonië slechts 68 procent van de inwoners tussen twintig en vierenzestig jaar. In Vlaanderen was dat 77,3 procent. De kloof bedraagt dus 9,3 procentpunten. De Waalse werkloosheidsgraad bedroeg 7,5 procent, tegenover 4,4 procent in Vlaanderen.
Een groot aantal mensen wordt niet als werkloos geregistreerd omdat zij niet actief naar werk zoeken. Zij vallen onder langdurige ziekte, invaliditeit, leefloon, vervroegd pensioen of een andere vorm van inactiviteit. Niet iedere uitkeringsgerechtigde is vanzelfsprekend een profiteur. Maar een systeem wordt onhoudbaar wanneer controle zwak is, tijdelijke hulp permanent wordt en werken financieel nauwelijks meer oplevert dan niet werken. Zo is geleidelijk een politieke hangmatcultuur ontstaan.
Rond uitkeringen, sociale woningen, gesubsidieerde verenigingen, intercommunales, overheidsbedrijven en publieke banen groeide een netwerk van afhankelijkheden. De PS heeft dat systeem gedurende tientallen jaren mee uitgebouwd en electoraal verdedigd. De affaires rond sociale huisvesting, intercommunales en fictieve adviesraden tonen dat politiek dienstbetoon en cliëntelisme in Wallonië een harde realiteit zijn.
11 miljard jaarlijks naar Wallonië
Een recente berekening door professoren Willem Sas en Tom Truyts kwam voor 2023 uit op ongeveer 8,5 miljard euro vanuit Vlaanderen en 2,9 miljard vanuit Brussel. Samen is dat ongeveer 11,4 miljard euro netto per jaar richting Wallonië.
Solidariteit tussen mensen en regio’s is normaal. Het probleem is niet dat er tijdelijk geld vloeit naar een regio die het moeilijk heeft. Het probleem is dat dezelfde transfers na tientallen jaren structureel blijven bestaan zonder voldoende verbetering.
Een federale staat zonder echte noodrem
De Belgische staatshervormingen hebben het gebruikelijke federale piramidemodel afgebroken. De federale staat, de gewesten en de gemeenschappen staan juridisch op voet van gelijkheid. Dat is waanzinnig en leidt onvermijdelijk tot grote problemen. Federale wetten en regionale decreten hebben binnen hun respectieve bevoegdheden in beginsel dezelfde rechtskracht. Daardoor kan de federale regering niet ingrijpen wanneer een gewest jarenlang slecht wordt beheerd. Het Grondwettelijk Hof of de Federale regering kan geen onbekwaam bestuur vervangen.
België behoort tot de meest verregaande voorbeelden van federalisme zonder correctiemogelijkheden. Dat is waanzinnig wanneer een deelstaat geen financiële verantwoordelijkheid neemt. Wallonië kan een slecht beleid voeren, terwijl de gevolgen door het hele land worden gedragen. Betalen moet, ingrijpen kan niet. In een unitaire staat had de nationale regering wel veel kunnen ingrijpen, normen kunnen opleggen, administraties kunnen reorganiseren en middelen rechtstreeks aan resultaten kunnen koppelen.
De opeenvolgende staatshervormingen hebben autonomie verleend zonder financiële en bestuurlijke aansprakelijkheid.
Luxemburg als voorbeeld
Wallonië heeft nochtans enorme troeven: ruimte, universiteiten, industriegrond, water, natuur, een centrale ligging en sterke sectoren in farmaceutica, luchtvaart, logistiek en biotechnologie. Het probleem is een politiek-bestuurlijk model dat initiatief verstikt en afhankelijkheid beloont.
Wallonië zou zich beter spiegelen aan Luxemburg met een kleine, open economie die investeerders aantrekt, met een ondernemingsvriendelijk klimaat en gastvrij voor internationaal talent. Luxemburg behoort volgens de OESO nog altijd tot de landen met het hoogste inkomen per inwoner en combineert dat met een relatief lage overheidsschuld. Welvaart wordt steeds gecreëerd door ondernemingen, investeerders en werkenden, voordat zij kan worden verdeeld. Luxemburg heeft dat goed begrepen.
Wallonië heeft daarom geen nieuw Marshallplan met tientallen miljarden subsidies nodig, maar een bestuurlijke revolutie met lagere lasten op arbeid, snellere vergunningen, transparante overheidsbedrijven, objectieve benoemingen, strengere controle op uitkeringen, activering van langdurig inactieven en financiële verantwoordelijkheid voor de eigen beleidskeuzes. De transfers moeten geleidelijk voorwaardelijk worden gemaakt. Wie federale gelden ontvangt, moet aantoonbare resultaten boeken inzake werkzaamheidsgraad, begroting en bestuurskwaliteit.
Daarnaast moet onze federale overheid kunnen tussenkomen wanneer een deelstaat ernstig tekortschiet in financieel of algemeen beheer. Wallonië moet worden bevrijd van een politiek systeem dat armoede creëert en in stand houdt. Een sociale zekerheid hoort een vangnet te zijn, geen permanente hangmat en al helemaal geen electorale levensverzekering voor politieke partijen.
Na vijfentwintig jaar schandalen, miljardenplannen, transfers en gemiste kansen kan niemand nog beweren dat het Waalse model goed werkt. Wallonië heeft een schrijnend gebrek aan verantwoordelijkheidszin.
Bronnen
- 21News en RTBF-onderzoek naar de mogelijke rol van maaiwerken bij de brand in de Hoge Venen, augustus 2026.
- Waals Parlement en audit La Sambrienne, april-mei 2026.
- Onafhankelijk onderzoek naar de stuwdam van Eupen en de watersnood van 2021.
- Overzicht affaires La Carolorégienne en Charleroi.
- Waals Parlement, budgetten van de opeenvolgende Marshallplannen.
- CWaPE en analyses van de kosten van het Waalse Solwatt-systeem.
- L’Echo, dossier Publifin-Nethys.
- De Standaard, kostprijs en vertraging van het station van Bergen.
- Statbel, Enquête naar de Arbeidskrachten, eerste kwartaal 2026.
- Nationale Bank van België, studie over interregionale transfers, 2021.
- Actualisering interregionale financiële stromen door Willem Sas en Tom Truyts, cijfers 2023.
- Belgium.be en het Grondwettelijk Hof, structuur van de federale staat en gelijkwaardigheid van wetten en decreten.
- OESO en Eurostat, Luxemburgse economie en bbp per inwoner.
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.