Nieuws en opiniestukken
Laatste
De VRT: Een half miljard euro en een fundamentele vraag naar efficiëntie De economische lente van het gezond verstand OPINIE. Artificiële intelligentie of artificiële incompetentie? Vlamingen betalen de rekening voor het financiële mismanagement in Wallonië
Karl Polanyi’s The Great Transformation: een gedateerd manifest tegen markten Economie
Foto: W. Vander Cruyssen

Karl Polanyi’s The Great Transformation: een gedateerd manifest tegen markten

Tachtig jaar na dato blijkt Karl Polanyi’s meesterwerk over de ontwrichtende kracht van vrije markten grotendeels achterhaald. Moderne economische geschiedenis en empirisch onderzoek weerleggen zijn centrale stellingen fundamenteel.

Deel dit artikel: Facebook X E-mail

Karl Polanyi’s The Great Transformation (1944) wordt nog steeds door velen opgevoerd als een standaardwerk tegen kapitalisme en markteconomie. Het boek heeft zonder twijfel een grote invloed gehad op de sociologie en politieke economie. Maar invloed is niet hetzelfde als juistheid.

Tachtig jaar later is het tijd om vast te stellen dat een aanzienlijk deel van Polanyi’s historische analyse achterhaald is en dat veel van zijn centrale stellingen door moderne economische geschiedenis, institutionele economie en empirisch onderzoek ernstig zijn gerelativeerd of weerlegd.

Een historische mythe: markten als kunstmatige creaties

Polanyi vertrekt vanuit de overtuiging dat vrije markten een kunstmatige creatie van de staat zijn en dat een ‘zelfregulerende markt’ de samenleving onvermijdelijk ontwricht. Die these klinkt voor sommigen aantrekkelijk, maar blijkt bij nader onderzoek veel minder onderbouwd dan wordt voorgesteld.

Een eerste fundamentele kritiek is historisch. Polanyi beweerde dat echte marktsamenlevingen pas in de negentiende eeuw ontstonden. Moderne economische historici tonen echter aan dat markten, prijsvorming, handel, krediet en commerciële netwerken al duizenden jaren bestonden in onder meer Mesopotamië, de Griekse wereld, het Romeinse Rijk, de middeleeuwse Italiaanse stadstaten en de Nederlandse Republiek. Zijn scherpe tegenstelling tussen een ‘ingebedde samenleving’ en een ‘marktsamenleving’ blijkt historisch veel te simplistisch.

Markten als motor van welvaart, niet van ontwrichting

Polanyi beschouwt markten vooral als een bron van sociale ontwrichting. Hij besteedt opvallend weinig aandacht aan het feit dat juist markteconomieën de grootste stijging van levensverwachting, inkomen, scholing, voedselproductie en technologische vooruitgang uit de menselijke geschiedenis hebben voortgebracht. Sinds 1944 beschikken we over enorme hoeveelheden empirisch materiaal waaruit blijkt dat landen met sterke eigendomsrechten, vrije ondernemerschap, concurrentie en stabiele instellingen gemiddeld veel sneller groeien dan centraal geleide economieën. Die laatsten zijn dan ook bijna allemaal volledig ingestort.

Ondernemerschap en innovatie: de motor van groei

Polanyi onderschat ondernemerschap vrijwel volledig. Innovatie ontstaat in zijn analyse nauwelijks door ondernemers die risico nemen, investeren en nieuwe technologie ontwikkelen. Moderne groeitheorieën, van Joseph Schumpeter over Douglass North tot Daron Acemoglu, leggen net de nadruk op innovatie, institutionele kwaliteit en ondernemerschap als motoren van welvaart.

Ook zijn beroemde begrip van de ‘fictieve goederen’ – arbeid, grond en geld – roept vragen op. Uiteraard zijn dit geen gewone producten zoals brood of staal. Maar daaruit volgt niet dat markten er onmogelijk of schadelijk mee zouden omgaan. Arbeidsmarkten, vastgoedmarkten en financiële markten functioneren vandaag in vrijwel alle succesvolle economieën, zij het binnen een juridisch kader. De werkelijkheid blijkt compleet anders dan Polanyi’s zwart-witte voorstelling.

Fascisme en markten: een te simplistische link

Polanyi legt een sterk causaal verband tussen vrije markten en autoritaire regimes. Daarmee onderschat hij volgens vele historici andere cruciale factoren zoals nationalisme, militarisme, de Eerste Wereldoorlog, de herstelbetalingen, hyperinflatie, protectionisme, geopolitieke spanningen en de Grote Depressie. De geschiedenis laat zich niet reduceren tot één economische verklaring.

Bovendien stelt Polanyi de tegenstelling tussen markt en overheid veel te absoluut voor. Vrijwel geen enkele moderne econoom verdedigt vandaag een volledig ongereguleerde markt. Tegelijk pleit ook bijna niemand voor een volledig centraal geleide economie. De meeste succesvolle landen combineren vrije markten met een rechtsstaat, sociale bescherming, mededingingsbeleid en duidelijke regelgeving. Juist die combinatie verklaart hun succes.

De empirische overwinning van de vrije markt

De economische geschiedenis sinds 1944 vormt misschien wel de grootste uitdaging voor Polanyi’s wereldbeeld. Landen die kozen voor economische vrijheid – zoals Zwitserland, Luxemburg, Singapore, Zuid-Korea, Taiwan, Ierland en later vele Oost-Europese staten – realiseerden spectaculaire welvaartsgroei. Landen die kozen voor centrale planning, zoals de Sovjet-Unie, Maoïstisch China, Oost-Duitsland, Cuba en Venezuela, kenden structurele tekorten, inefficiëntie, lage productiviteit en uiteindelijk economische stagnatie of instorting.

Dat betekent niet dat vrije markten perfect zijn, maar wel dat de alternatieven het steeds veel slechter doen. Vrije markten functioneren inderdaad niet zonder instituties. Alleen volgt daar niet uit dat markten het probleem zijn. Integendeel: goed werkende rechtsstaten, onafhankelijke rechtbanken, eigendomsrechten en transparante regelgeving maken juist efficiënte markten mogelijk.

The Great Transformation blijft interessant als historisch document en als sociologische reflectie op de industrialisering. Als verklaring van economische ontwikkeling is het echter volledig uit de tijd. Wie vandaag de economische werkelijkheid wil begrijpen, kan niet blijven steunen op een gedateerde analyse uit 1944 die geschreven werd vóór de enorme empirische kennis over groei, innovatie, instituties, globalisering en ondernemerschap beschikbaar was.

Goede wetenschap leeft van voortdurende toetsing aan de feiten. De geschiedenis heeft Karl Polanyi op tal van essentiële punten volledig ingehaald.

Bronnen

  • Karl Polanyi, The Great Transformation (1944).
  • Santhi Hejeebu & Deirdre McCloskey, The Reproving of Karl Polanyi (1999).
  • Santhi Hejeebu & Deirdre McCloskey, Polanyi and the History of Capitalism (2004).
  • Gareth Dale, In Search of Karl Polanyi’s International Relations Theory (2015).

Reacties 0

Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.

Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.